Historisch culturele stadswandeling  door Haarlem ©

E mail

new ! route GOOGLE MAPS

ROUTE[PDFformaat]

fotowandeling

 

 

 

De stadswandeling start bij ingang aan de centrumzijde van het Station der Nederlandse Spoorwegen.

 Het station is een schepping van architect D.A.N. Margadant. Opvallend is de grote (zichtbare) stalen kapconstructie, waaraan het in- en uitgangsgebouw ondergeschikt is gebleven. De toegangspartijen zijn in baksteen uitgevoerd en hebben torens op de hoeken. De luifel die het linker- en rechter gedeelte met elkaar verbindt, bood vroeger beschutting aan de wachtende rijtuigen

         ProRail audiotour station Haarlem

 
   
Wij staan aan de centrumzijde van het station en aanschouwen het busstation met daaronder de grootste fietsenkelder van Europa.We gaan rechts om dan linksaf de Kruisweg ,overgaand in Kruisstraat ,in te gaanen volgen deze tot aan de Krocht

 

 
  Op de Krocht bevindt zich het Hofje van Oorschot, waarvan de ingang zich om de hoek van de Kruisstraat [Krocht]bevindt.
Wouterus van Oorschot
Laat hier zijn liefde blijken
Den Armen tot troost
En voorbeeld aan de Rijken".  
    Op deze plaats stond het, door de broederschap der Heilige Geest in 1300 gestichte," Heilige Geesthuis". Nadien was in het gebouw het Kinderhuis gevestigd. In 1768 is in testamentaire opdracht van Wouterus van Oirschot dit hofje gesticht. Wouter had wel bepaald dat een van hem afkomstige tekst op een duidelijke plaats op het hofje moest worden geplaatst, zie daar, boven het midden gebouw;  


Het Hofje van Oirschot heeft in de jaren zestig landelijk volop in het nieuws gestaan. In de tuin van het hofje was namelijk een standbeeldje geplaatst van de eerste vrouw, "Eva". Waarom was "Eva" zulk groot nieuws? Wel, Eva staat daar zonder kleren.... naakt! Tegenwoordig niets om over wakker te liggen, maar toen konden de bewoners van het hofje, maar ook een heleboel inwoners van Haarlem, zo'n beeldje niet erg waarderen.


 
Wij gaan  de Barteljorisstraat in

In de Barteljorisstraat vind u de voormalige klokkenwinkel van ten Boom.In WW II een schuilplaats voor onderduikers.Nu te bezichtigen als museum Bezoekadres: Barteljorisstraat 19
Informatie: tel: (023) 5310823, fax 5410681, www.corrietenboom.com
Openingstijden: van 1 april tot 1 november: dinsdag t/m zaterdag 10-16 uur
Van 1 november tot 1 april: dinsdag t/m zaterdag 11-15 uur
Toegang: gratis

 

rechtsaf de Zijlstraat in.

 Achter het Stadhuis gaan we linksaf via de Pandpoort het Prinsenhof op.

De tuin van het Prinsenhof was oorspronkelijk de kloostertuin en na 1477 het kloosterkerkhof van de Domincanen of Predikheren. Ook de naam Jacobijnestraat herinnert nog aan deze monniken, die vaak Jacobijnen werden genoemd naar hun klooster in de Rue St. Jacques te Parijs. De Prinsenhof werd in 1721 omgetoverd in de Stadskruidentuin of Hortus Medicus. In het midden van deze tuin richtte het voormalig Collegium Medicum (Geneeskundig Genootschap) ter ere van Lourens Janszoon Coster een stenen beeld, gemaakt door de beeldhouwer Gerrit van Heerstal, op. Dit beeld werd in 1801 verplaatst naar de Grote Markt, doch op 16 Juli 1856, een voor Haarlem belangrijke dag tijdens het Lourens Janszoon Costerjaar, werd het stenen beeld van de uitvinder van de boekdrukkunst van de Grote Markt teruggebracht naar de Hortus Medicus op het Prinsenhof. Op de Grote Markt werd in dat jaar het (bronzen) beeld onthuld dat er nu nog staat.  



Vanaf het Prinsenhof gaan we links de Jacobijnestraat in en rechts  de Koningstraat in .

Huis van Schagen

Genoemd naar Johan van Beveren van Schagen die het huis tussen 1584-1601 bewoonde en belangrijk liet verbouwen.In oorsprong een middeleeuws huis.Toegangspoort uit 1631,In 1881 ingrijpend verbouwd en uitgebreid tot schoolgebouw annex klooster

In de Koningstraat vind u tevens het geboortehuis van Nicolaas Beets:

schrijver van de "Camera Obscura"

en steken de Gedempte Oude Gracht over.

Links zijn wij het het gebouw van Vroom&Dreesman ingebouwd in dit grote pand de piepkleine drogisterij van "van der Pigge" zeer zeker een bezoekje waard.

Toen de" reus" V&D alle panden in dit gebied opkocht verzette de eigenaar van deze drogisterij zich met hand en tand..Hetgeen resulteerde in dit markante beeld

 

\

 

Rechts zien wij de Botermarkt,in het verlengde hiervan,gaan we, rechtdoor de Barrevoetestraat in.

In deze straat vinden wij op no 7 aan de rechterzijde het St. Elisabeth's of Gasthuishofje in de volksmond "het hofje van Loo".  

Gesticht door Symon Pieterszoon van Loo en zijn vrouw Gooltje of Godelt Willems. In eerste aanleg was het hofje ommuurd en toegankelijk door een poort met daarboven het wapen van het St. Elisabeth's Gasthuis. In 1885 is de Barrevoetestraat verbreed en zijn de huisjes aan de straatzijde afgebroken, waarmee de oude beslotenheid verdween.Het hofje is gerestaureerd in 1963.. Het wapen van de Heilige Elisabeth (drie kronen) vind je nog  terug op de waterpomp. Het hofje wordt heden ten dage nog steeds bestuurd door de "Gasthuismeesters" (regenten), tegenwoordig de directie van het ziekenhuis.



Wij vervolgen onze tocht door even terug te lopen door de Barrevoetestraat naar de Botermarkt.


Aan de linkerzijde, op de Botermarkt ligt het Bruiningshofje,

 helaas niet meer voor iedereen toegankelijk. De bewoners hebben er een hek voorgezet wat zelfs een kudde olifanten kan tegen houden. Waarom? Door de grote hoeveelheid van mensen die, na een cafébezoekje op de Botermarkt, het hofje opkwamen om daar even hun "kleine" behoefte te doen.... .

In het laatst van de 16e of in het begin van de 17e eeuw, is dit hofje, bestemd voor oude vrijsters of weduwen door de heer Brunings of Bruinings gesticht. Het bestaat uit een zestal woningen en behoort aan de Doopsgezinde Gemeente.

Vanaf de Botermarkt gaan we rechtsaf, in zuidelijke richting, de Tuchthuisstraat in,u bevindt zich nu in de "Vijfhoek".

Hier vinden wij aan de rechterzijde het Brouwershofje.  

Het Brouwers- of St. Maartenshofje is gesticht in 1457 door Huygen Roepertszoon en zijn zuster Katrijntje Huygensdochter en aan de regenten van het Brouwersgilde overgedragen. In het hofje mogen alleen de arme brouwersdienstmaagden komen te wonen en het hofje mag nooit worden verkocht. Bij de grote stadsbrand in 1576 werd ook dit hofje verwoest, maar is in 1586 door de brouwers herbouwd. De ijzeren ankers geven dit jaartal nog aan.



Wij lopen weer verder en aan het eind van de Tuchthuistraat,steken wij de Breestraat schuin naar links over en gaan de Lange Annastraat in.

Hier bevindt zich ,op no. 40, het Hofje van Guurtje de Waal

Het hofje werd in 1616 gesticht door Guertie Jansdr. de Wael, dochter van een rijke textiel handelaar. Guertie stichtte het hofje op het erf van haar huis, het hofje was bedoeld voor gereformeerde weduwen en gereformeerde oude vrijsters. Guertie bestuurde het hofje de eerste 12 jaar zelf. Haar achterneef Jan de Wael, burgemeester van Haarlem, was er regent en liet in 1661 het hof vergroten van zes naar acht kamers. Ook liet hij een toegangspoort bouwen met boven de poort het wapen van de familie De Wael.  

Aan het eind van de Lange Anna straat vinden we het Nieuwe Kerksplein.We steken het plein schuin naar rechts over[De oude begraafplaats!]en lopen langs de voet van de kerk en gaan linksaf om de kerk.

Aangepast zoeken
 Deze Protestantse kerk werd gebouwd op de plek van het voormalige St. Annaklooster  In 1581 verviel het St. Annaklooster ,als betaling van de geleden schade, die tijdens het beleg  van Haarlem was geleden[ze waren immers katholiek], aan de stad Haarlem. Tussen 1581 en 1649 werd de kerk “Raamkerk” genoemd. Tussen 1613-1616 werd een stenen toren gebouwd tegen de middeleeuwse Sint Annakapel, ,onder leiding van stads bouwmeester Lieven de Key in zijn kenmerkende Hollandse renaissance stijl.. In 1645 werd de Sint Annakapel vervangen door een nieuwe kerk (Bouwmeester Jacob van Campen). De bouw duurde tot 1649. De toren van Lieven de Key bleef behouden. Omstreeks1825 werd de begraafplaats geruimd.  

We gaan de Korte Houtstraat in en volgen deze tot aan het eind.

                               Gewoon een gezellig straatje                                       

We staan nu in de Grote Houtstraat en gaan linksaf tot de splitsing met de Gierstraat

Hier vinden wij aan de linkerzijde de poort van het "Proveniershuis"

    Dit gebouw is in gebruik geweest door de Vendels van de St. Michielsdoelen , daarna werd het door Haarlems meest bekende bouwmeester Lieven de Key verbouwd tot een Heerenlogement, alwaar de postkoets naar Den Haag stopte. Uit deze tijd dateren ook de huisjes aan de noordelijke zijde van de Kerkstraat, welke tot het Proveniershuis doch door de Stad Haarlem ten behoeve van de Stedelijke Kas aan particulieren verhuurd werden. De huisjes zijn nadien nooit meer gebruikt door het Proveniershuis zelf. Het Proveniershuis zelf is ontstaan rond 1790. Provenier is een oud Hollands woord en betekent "iemand die van proves[preuves] leeft, van giften, dus een soort gepensioneerde". In 1810 werden, door de Franse bezettingsmacht in de stad, verschillende gebouwen in beslag genomen voor hun leger en administratie. De mannen uit het Oudemannenhuis (het huidige Frans Halsmuseum) werden gehuisvest in het Provenierhuis.  
 



Wij verlaten het Proveniershof weer en gaan verder  en gaan rechtsaf door de Grote Houtstraat in zuidelijke  richting. Voor de voetgangerslichten gaan wij linksaf de Gashuisvest op.De tweede zijstraat links.Het Groot Heiligland in.

In het Groot Heiligland bevindt zich het Frans Hals museum,natuurlijk een bezoekje waard.Maar hier vind u ook het historisch museum "Zuid Kennemerland",het Spaarnestad fotoarchief en het ABC architectuurmuseum

Frans Hals Museum

Museum van de Gouden Eeuw. Het museum is genoemd naar een
van de beroemdste schilders van de Gouden Eeuw: Frans Hals.
De monumentale groepsportretten van feestvierende schutters en
vergaderende regentencolleges door Frans Hals zijn wereldberoemd.
In het museum is verder een overzicht te zien van de Haarlemse
schilderkunst uit de zestiende en zeventiende eeuw.

SpaarnestadFotoarchief
De collectie van het Spaarnestad
Fotoarchief behelst ruim 6 miljoen
pers- en documentaire foto’s met
wereldwijde onderwerpen. In de expositieruimte worden wisselende
fototentoonstellingen georganiseerd, waarbij niet alleen selecties
uit de vaste collectie maar ook hedendaagse documentaire fotografen
ruimschoots aan bod komen.
Historisch MuseumZuid-Kennemerland

In een permanente tentoonstelling
wordt de geschiedenis van
Haarlem en omgeving in beeld
gebracht. Wisselende exposities
gaan in op bijzondere aspecten
uit de geschiedenis van de regio
Zuid-Kennemerland.  
ABC Architectuurcentrum

In wisselende exposities worden
diverse aspecten op het gebied
van architectuur, stedenbouw,
landschap, interieur, fotografie,
beeldende kunst en tuinarchitectuur
belicht.  
Informatie: (023) 5115775 / www.franshalsmuseum.com
Rondleidingen: op aanvraag (nl/du/eng/fr/sp)
Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag 11-17 uur, zon- en feestdagen
12-17 uur. Gesloten op 1 januari en 25 december
Toegang: Gratis voor personen tot 18 jaar, museumkaart, Haarlem Pas,
Vereniging Rembrandt, vrienden FHM. Verder wordt entreegeld
geheven

 


 

De drie bovenstaande musea zijn op hetzelfde adres gevestigd
Bezoekadres: Groot Heiligland 47
Informatie ABC Architectuurcentrum: (023) 5340584 /
www.architectuurhaarlem.nl
Informatie Hist. Museum Zuid-Kennemerland: (023) 5422427 /
 
   
 

In het Groot Heiligland gaan wij links, het Nieuw Heiligland in om door de poort aan het einde in het Klein Heiligland te belanden

Hier vinden wij o.a. hetVrouwe-en Anthonie Gasthuys hofje

 

Het hofje werd gesticht in 1440als een gasthuis een plek waar reizigers één of meerdere nachten konden overnachten., daarom werd het stichten van een gasthuis gezien als een goede daad. Het hofje is sinds 1787 gevestigd aan het Klein Heiligland, voorheen was in dezelfde gebouwen het Teylershofje te vinden. Het Teylershof is verplaatst naar de Koudenhorn in Haarlem.

Het Vrouwe- en Antonie Gasthuys bestaat uit een hoofdgebouw uit 1648 en twee zijvleugels uit 1730. De muur aan het Klein Heiligland is van 1787. Boven de hoofdingang is het wapenschild van de 17de-eeuwse eigenaar te zien, de Haarlemse zeepzieder Pieter Joost Bogaertt

 

 

Wij verlaten het Klein Heiligland en gaan de Cornelissteeg in

en komen weer in de Grote Houtstraat en gaan rechtsaf in noordelijke richting tot aan het Verwulft[V&D].

Wij staan even stil

en zien links aan de overzijde op de hoek van de grote Houtsraat en Verwulft  de gevel van  "Het Oost- en West Indies Worstvat"

Ten tijde van de grote bloei van de Hollandse Zeevaart in Amsterdam, Hoorn, Medemblik en Enkhuizen werden hier in Haarlem de tonnen met gezouten vlees bereid, welke de zeeschepen als etensvoorraad met zich meenamen op hun lange reizen. Dat het zoute voedsel scheurbuik ten gevolge kon hebben was nog niet bekend. De samenhang van dit voedsel en scheurbuik werd ontdekt (vermoedelijk) na de tocht van Willem Barentz die eindigde met een overwintering in "Het Behouden Huis" op Nova Zembla. De manschappen die de ontberingen overleefden hadden, na het opraken van de eigen voorraden, vers vlees van poolberen en poolvossen gegeten. Het heeft nog een tiental jaren geduurd voor dit alles werd begrepen, maar het is uiteindelijk wel de ondergang geworden voor deze tak van huis-industrie.

Eenmaal lopend in de Grote Houtstraat gaan wij de eerste straat rechtsaf, Peuzelaarsteeg. Aan het eind van deze straat, op de hoek van de Peuzelaarsteeg, en de Frankestraat

vinden wij de goed bewaarde Doopsgezinde (schuil)kerk en het huis ter Kleef

Rond 1530 moeten in Haarlem de eerste Doopsgezinden zich hebben gevestigd. In de begintijd van deze kerk werden de volgelingen ook wel Mennonieten genoemd. Er zijn, vanaf 1600, verschillende groepen Doopsgezinden geweest, die ieder hun eigen kerkgebouw hadden. In 1784 werden de diverse groepen verenigd in wat nu nog heet de Verenigde Doopsgezinde Gemeente. Binnen in het complex is een plattegrond met een goede uitleg hoe deze kerk met al zijn gebouwen is ontstaan.  

.

We gaan nu linksaf in noorderlijke richting de Frankestraat in en komen uit in de Anegang.Wij steken deze schuin over naar de Warmoesstraat.

waar wij aan de rechterzijde het Hofje de Groene Tuin te zien krijgen.

Het hofje De Groene Tuin werd in 1616 gesticht door Catharina Jansen Amen, weduwe van Jacob van Schorel. Boven de achteringang van het hofje, in de Lange Veerstraat, bevindt zich een gevelsteen "In den Groenen Tuin". Deze benaming is afgeleid van de naam van een van de weldoensters van dit hofje, Josina van Groeneven. Ven betekent "moeras, weide, tuin". Op de gevelsteen is buiten de naam van het hofje, nog veel meer te zien wat op Josina van Groeneven wijst. De steen stelt een hof voor, omring door een gracht met op de voorgrond een zwaan. Deze zwaan is min of meer de hoofdfiguur op de steen, waarmee men doelt op het feit dat Josina het recht van zwanen bezat voor het Spaarne en De Liede. Het zogeheten Zwanendrift. Dit recht heeft zij op 2 juni 1608 aan de stad Haarlem geschonken. Door deze gift aan de stad kon het gebeuren dat de naam van het hofje "De Groene Tuin" is geworden .
 
   


 

Wij wandelen de Warmoesstraat uit en komen op de oude Groenmarkt /Spekstraat deze steken wij schuin over en staan in de Lepelstraat  ,welke leidt ,naar de Grote Markt.



 

Wij kijken even achterom en zien het huis met de kogel

foto huis met de kogel Gedurende het Spaanse Beleg van 1562 tot 1563 is Haarlem vele malen beschoten geweest met zware kanonnen. Een van de kogels was verdwaald en in dit huis terecht gekomen. Er was wel veel schade, doch gelukkig geen doden of gewonden. De mensen vonden dat zo bijzonder dat zij de kogel in de muur hebben laten metselen.

Links van u bevind zich de Vleeshal.

De Vleeshal is gebouwd (1603) door Lieven de Key, Haarlems meest bekende stadsbouwmeester. Aan dit gebouw kun je goed zien dat Lieven de Key ook in Engeland heeft gewerkt. Doordat het vlees niet meer in de open lucht mocht worden verkocht (doordat er vliegen op het vlees kwamen kregen de mensen allerlei rare kwaaltjes), werd door het stadsbestuur besloten om een vleeshal te laten bouwen.

Het eerste wat wij op de Grote Markt zien is het beeld van Laurens Janszoon Coster . Kijkend naar links,  zien wij het stadhuis van Haarlem.

De graven van Holland hadden hier in Haarlem een jachtslot staan, welk zij later permanent gingen bewonen. De eerste graaf die hier daadwerkelijk woonde was Graaf Willem II van Holland, de latere Rooms-Koning die aan Haarlem op 23 november 1245 het stadsrecht verleende. Zover de archeologen hebben kunnen vaststellen moet het oudste gedeelte van het stadhuis (het gedeelte met de "Gravenzaal" gebouwd zijn rond 1010. Het rechtergedeelte van het stadhuis(aande Zijlstraat) is ook weer door Lieven de Key gebouwd. Goed te zien zijn de Grote en Kleine Vierschaar, met in top het beeldje van Vrouwe Justitia. Op de Grote Vierschaar werden vroeger de ter dood veroordeelden opgehangen. De grote toegangsdeur naar de Gravenzaal is ontstaan na de grote verbouwing van het stadhuis in 1630.  

Voordat dit gebouw het Haarlemse Stadhuis werd was een ander gebouw op 't Sant het stadhuis, namelijk het eerste stenen huis op de Grote Markt, de "Hoofdwacht".
De hoofdwacht dankt zijn naam aan de stadssoldaten die hier vroeger op wacht zaten. Op de gevelsteen van dit gebouw staat het volgende te lezen:

Wanneer de Graef hier op het Sand
Sijn Princenwoning had geplant,
So was dit loflijk oud gesticht
Tot Haerlems Raedhuys opgericht.  


Kijken wij naar het oosten, dan zien wij de Grote of Oude Sint Bavokerk.

 

bzichtingen en openingstijdenen concerten zie:

website St Bavo

De allereerste St. Bavokerk wordt al genoemd in 1245 en geldt reeds als aanzienlijk, onder andere vanwege zijn klokkentoren. Vermogende personen als Arnoud van Sassenheim fungeerden er als pastoor. Deze kerk is vanouds de Haarlemse parochiekerk geweest. Eerst vernoemd naar de Heilige Maria Magdalena (1147), later naar de Zuid-Nederlandse ridderheilige Sint Bavo. St. Bavo wordt ook in het Belgische Gent vereerd
 

De kerk is gebouwd in basilicale stijl: het schip is tweemaal zo breed als de zijbeuk. Het gebouw is in de vorm van een kruisbeeld gebouwd: de deuren stellen twee voeten, twee handen en het neigend hoofd voor. Maria stond rechts van het kruis; dit is ook de plaats van Mariakapel. De vieringpijlers staan voor de vier evangelisten; de twaalf koorpijlers voor de twaalf discipelen. Het noordertransept was gewijd aan Maria, het zuidertransept aan de patroonheilige van de kerk, St.Bavo.

 

Musea op de Grote Markt

De Hallen
De Hallen, de tentoonstellingsdependances
van het Frans Hals
Museum aan de Grote Markt,
bestaan uit de Verweyhal en de
Vleeshal. In De Hallen zijn tentoonstellingen
fotografie en
eigentijdse kunst te zien. In de
zomermaanden wordt regelmatig
een keuze uit de rijke verzameling
klassiek-moderne kunst van het
Frans Hals Museum getoond.

 
In de kelder van de 17e eeuwse Vleeshal
is het Archeologisch Museum Haarlem
gevestigd. Honderden jaren oude bodemvondsten
geven een schat aan informatie
over het verleden van de stad. Aan de
hand van wisselende tentoonstellingen
worden archeologische thema's steeds
weer verrassend in beeld gebracht.

 

De Vishal
Ruimte voor hedendaagse beeldende
kunst.
Bezoekadres De Hallen: Grote Markt 16
Informatie: (023) 5115775 / www.franshalsmuseum.com
Rondleidingen: op aanvraag (nl/du/eng/fr/sp)
Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag 11-17 uur, zon- en feestdagen
12-17 uur. Gesloten op 1 januari en 25 december
Toegang: Gratis voor personen tot 18 jaar, museumkaart, Haarlem Pas,
Vereniging Rembrandt, vrienden FHM. Verder wordt entreegeld geheven


 

bezoekadres: Grote Markt 18 k
Informatie: (023) 5313135 / 5420888
Email: t.vdzon@haarlem.nl
Openingstijden: woensdag t/m zondag 13-17 uur
Gesloten op 1 januari, 25 en 26 december
Toegang: Gratis
Rondleidingen en projecten: op aanvraag  

Bezoekadres: Grote Markt 20
Informatie: (023) 5326856 /
www.devishal.nl
Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag
11-17 uur; zondag 13-17 uur
Toegang: Gratis  


We verlaten de grote Markt in westelijke richting en lopen aan de voet van de St Bavo de Riviervischmarkt op en komen op het klokhuisplein.

Wij gaan linksaf de Damstraat in

Hier bevind zich,op nummer 21,het woonhuis van Pieter Teyler van der Hulst

Pieter Teyler van der Hulst[1702-1778 ]

Een rijke textielindustrieel;een man met grote weldadigheidszin,wijdde zijn leven aan Teylers godsgeleerd  genootschap en het Teylers natuurkundig genootschap. Pieter was een achterkleinzoon van de adelijke engelsman Thomas Taylor,die in 1580 naar Holland was gevlucht als gevolg van de geloofsvervolgingen

Wij lopen tot aan het einde van de Damstraat.

Hier vinden wij de Waag

Ook weer een bouwwerk van de stadsbouwmeester Lieven de Key, gebouwd rond 1604. Hier werd de kaas gewogen en verkocht. De goederen werden van het Slepershoofd, op een slede, naar de Waag vervoerd. Reden hiervoor was de belasting op (kar)wielen. Tijdens het slepen van de slede werden de ijzeren glijders van de slee door jongens voortdurend met olielappen of oliepoets glad gehouden. Hier komt dan ook de uitdrukking smeerlap en smeerpoets vandaan .

Bij de Waag gaan wij linksaf langs het Spaarne

En staan voor het Teylermuseum

Fossielen en mineralen, fysische
instrumenten, munten en penningen
en een uitgebreide kunst- en
boekenverzameling: Teylers Museum,
Nederlands oudste museum, nodigt
u uit voor een fascinerende
ontdekkingstocht langs kunst en
wetenschap. Met een opstelling die sinds de 18de en 19de eeuw
ongewijzigd is, waant u zich even terug in de tijd.
Het museum is genoemd naar de puissant rijke achttiendeeeuwse
laken- en zijdefabrikant Pieter Teyler van der Hulst die zijn
vermogen naliet ter bevordering van kunst en wetenschappen.
Maak kennis met de ‘zondvloedmens’ of de Mosasaurus, bewonder
een schilderij van Breitner of Israëls of bekijk de fraaie hemel- en
aardglobe in de sfeervolle Ovale Zaal.

 

 

 

 

Informatie: (023) 5319010 / www.teylersmuseum.nl
Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag van 10 - 17 uur, zon- en
feestdagen van 12-17 uur. Gesloten op 25 december en 1 januari
Toegang: Gratis voor kinderen (tot 5 jaar) en met MK, Haarlem Pas,
Vereniging Rembrandt, Vrienden van Teylers Museum. Verder wordt
entreegeld geheven


 

Op dit punt kunt u een besluit nemen blijven we in-en om het centrum totaal 6,5 km U volgt dan gewoon het Spaarne tot Het Teylerhofje en gaan de Valkestraat in

of bezoeken we ook de Amsterdamse Poort , Molen de Adriaan en het hofje van Noblet [dit traject is ca 1,7km]?

Dan lopen we naar overkant de Gravestenerbrug en passeren over de brug het Spaarne.

De Gravenstenenbrug is vernoemd naar het vroegere Gravensteen. De plaats waar de Graven van Holland de schepen tol lieten betalen om door de stad te mogen varen.  

We zijn nu op het korte Spaarne en gaan linksaf,aan het eind rechtsaf en op de brug linksaf de Spaarnwouderstraat

[rechts ziet u de Burgwal]

Een bekende "industriestraat" in het oude Haarlem. Hier waren onder meer gevestigd de Zeepfabriek “Het Klaverblad”; Claes Tilly's stokerijen (vooral bekend om zijn “Haarlemmer Olie”); azijnfabriek Gebroeders Haas.  

Aangekomen aan het eind van de Spaarnwouderstraat,

U staat nu voor de Amsterdamse Poort

  De poort is gebouwd voor 1428 . In deze periode zijn de stadsgrenzen diverse malen vergroot. In eerste instantie tot de Burgwal, maar al vrij snel erop tot aan de Herensingel waaraan deze, enig overgebleven Haarlemse stadspoort, staat.

gaan we linksaf de Oostvest op en volgen deze tot aan de Glasblazersstraat en volgen deze straat deze gaat over in de Scheepmakersdijk en eindigt bij een trappetje.U kunt ervoor kiezen om aan de overkant het trappetje af te gaan.

Om een bezoek te brengen aan molen "de Adriaan"

De Adriaan is een stellingmolen
die in 1778 is gebouwd op
de fundamenten van een oude
verdedigingstoren. In 1932
brandde de molen tot de grond
toe af. In 2002 kon de herbouwde
Adriaan als museummolen
worden geopend.
Onder leiding van een gids
ontdekt u hoe ingenieus de
houten constructies aan de
gang worden gehouden door de
draaiende wieken. Onvergetelijk
is het moment waarop u de stelling betreedt: twaalf meter boven
het Spaarne heeft u een spectaculair uitzicht over de stad.

 
Bezoekadres: Papentorenvest 1a
informatie: (023) 5450259 / www.molenadriaan.nl.
Openingstijden: woensdag*, donderdag* en vrijdag 13-16 uur
zaterdag en zondag 10 -16 uur
* Van 1 november tot 1 maart gesloten op woensdag en donderdag;
gesloten 1 januari, 25, 26 en 31 december
Toegang: Er wordt entreegeld geheven

 

 

Of linksaf de Catharijnebrug over

  De Catharijnebrug is vernoemd naar de Catharijnetoren, die samen met de Vrouwetoren, een waterpoort over het Spaarne vormden. In tijden van oorlog kon het Spaarne met zware kettingen worden afgesloten. Links staat Molen "De Adriaan" welke in  1920 is afgebrand, maar in al zijn historische pracht is hersteld.

We staan voor de voetgangerslichten

Aan de overkant rechts Op de hoek van de Koudehorn en het begin van de Nieuwe gracht, vinden we het Hofje van Noblet.
en zien ook aan de overzijde links het Teylershofje.

We bezoeken eerst het hofje van Noblet

Leonard Noblet was een rijke Amsterdammer. Bij testament stelden hij en zijn twee zusters geld en huis beschikbaar voor de bouw van een hofje. De bewoners moesten wel lid van de Gereformeerde Gemeente zijn en de leeftijd van 50 jaar hebben bereikt.  

en lopen dan naar het Teylershofje

Aan de overzijde van het Spaarne: een prachtig uitzicht op de molen "de Adriaan"

  Het Teylershofje.

 In eerste instantie was er een hofje gesticht elders in de stad,[Klein Heiligland Vrouwe-ofAnthonie gasthuys] doch de regenten van de Teyler Stichting vonden dat de stichter een beter monument ter zijner nagedachtenis had verdiend.

 na dit bezocht te hebben lopen wij enkele meters terug in de richting van het hofje van Noblet.We gaan links de Valkenstraat in

U bevindt zich nu in het oudste gedeelte van Haarlem "Bakenes"  

Reeds rond 990 wordt Bakenes reeds genoemd, hier stond immers volgens de overlevering het Grafelijke hof. Deze Hof diende te worden verdedigd, dus de bouw van het Kasteel Brederode door Graaf Arnoud van Brederode, was ook ter bescherming van Bakenes.
 Onze Lieve Vrouwe of Bakenesserkerk
De toren van deze kerk is de originele toren van de Oude of Grote Sint Bavokerk aan de Grote Markt. Toen deze toren werd gebouwd bleek deze veel de zwaar voor de pilaren waarop hij moest rusten. De toren is toen afgebroken en opnieuw gebouwd op de Bakenesserkerk. De Sint Bavokerk kreeg een houten dakruiter welke met lood is bekleed.
Aan dit Grafelijke Hof herinneren nog de straatnamen op Bakenes;
Groene Buurt - de boeren (groente, tarwe)
Kalversteeg - de boeren (melk, boter, vlees)
Het Krom - de smeden (kromme aambeeld)
Kokstraat - de koks
Valkenstraat - de valkeniers
Vroonhof - het grafelijk hof
Vrouwestraat - de Grafelijke kapel  
 


Via de Valkenstraat gaan we rechtaf we zijn nu op t Krom en volgen dit en gaan linksaf de Kokstraat in.

U staat nu voor de Bakenessergracht


Wij gaan linksaf en volgen de,historierijke, Bakenessergracht in de richting van het Spaarne tot aan de eerste de beste brug,gaan de brug over en lopen aan de overzijde langs de Bakenessergracht terug.

Via de Bakenessergracht gaan we links de Kalverensteeg in en lopen we het Goudsmidspleintje op.

 

en zien daar De Goudsmitskamer.

Dit huis was eens eigendom van het Gilde der goud- en zilversmeden. Of anders genoemd het St. Eloysgilde. In de gevel, waarop een beker of vaas is uitgehouwen zie dan ook staan "dit is de Goudsmitskamer".  

We houden rechts aan en komen op het donkere Begijnehof,hier gaan wij linksaf  het Begijnhof en zien de Waalse Kerk.  

In de 13e eeuw was hier ook reeds een Begijnhof, gesticht door de pastoor van de parochiekerk, Arend van Sassenheim, welke in 1262 aan de gemeenschap der Begijnen zijn huis, erf, tuin en boomgaard afstond, welke gelegen waren tussen de Jansstraat en de Bakenessergracht. Het Begijnhof bestond uit een vijtigtal woningen en vijf conventen (kloosters) voor "schamele" (arme) onvermogende Begijnen, alsmede een kerk, alles gegroepeerd rondom een hof, waartoe enige poorten toegang gaven. Het pleintje doet nog steeds vriendelijk aan, ondanks de aanwezigheid van "de meisjes van plezier".

We slaan linksaf en weer rechts de Lange Begijnestraat in en gaan links de Korte Begijnestraat in.

En we komen een gevel tegen ,die ons aan het denken zet;zeker met het karakter van deze buurt in het achterhoofd.

 

De "Onderlinge van 1719 U.A." is een kleine Haarlemse levensverzekeringmaatschappij en de oudste nog zelfstandig bestaande algemene levensverzekeringmaatschappij in Nederland. Vroeger heette zij "Begrafenisbos De Vrijwillige Liefdebeurs" onder de zinspreuk "In Alles Ghetrou". Dit begrafenisfonds werd op 12 februari 1719 opgericht.

en aan het eind staan we weer voor de Bakenessergracht,we slaan rechtsaf

Op deze Bakenessergracht vinden we o.a. de achteringang van een der oudste liefdadige stichtingen van de stad , het Hofje de Bakenesserkamer.  

Het hofje is in 1395 gesticht door Dirk van Bakenes. Boven de Hoofdpoort vind je een gevelsteen (festoen) met de tekst:

"Ingang van 't Gesticht
van Dirck van Backenes
Voor vrouwen van
acht en tweemaal zes".

De aardigheid hier is een raadsel in rijmvorm. Het hofje was bedoeld voor vrouwen van acht en tweemaal zes, {8 en 2x6 = 20}, dus voor 20 vrouwen. Deze 20 vrouwen moesten acht en tweemaal zes, { 8+2 maal 6 = 60}, minstens 60 jaar oud zijn.

We gaan op de Bakenessergracht rechtsaf de Nieuwe Appelaarsteeg in en dan rechts de Wijde Appelaarsteeg in

Hier bevindt zich het hofje van Bakenes[de Bakenesserkamer]
 

  Het hofje is gebouwd in 1395 volgens testamentaire bepalingen van koopman Dirck van Bakenes. Zijn weduwe en haar beide zoons lieten het hofje bouwen. De huidige hofjeswoningen zijn niet meer de hofjeswoningen uit de 14e eeuw maar dateren uit ’t midden van de 17de eeuw. In eerste instantie bestond het hofje uit 13 huizen voor 20 vrouwen, maar met de herbouw in 1663 werd een van de gebouwen verbouwd tot regentenkamer, hierna was er nog plaats voor 12 vrouwen.  


aan het eind van de wijde Appelaarsteeg komen we weer in de lange Begijnestraat uit en gaan linksaf  en weer rechts de Riviervischmarkt op en dan rechtsaf de Jansstraat in .


Aan de linkerzijde vinden wij de toegangspoort uit 1624 van het voormalige Barbara Gasthuis

In de boven het poortje geplaatste fries is de volgende tekst gebeiteld:

                                     Incarnatie

oMdat wII oVt ende behoeftiCh sChenen VerLaten geeft hVgo van assendeLft hier gestiCht t'onser baten.

In dit rijmpje,een chronogram ,is het stichtingsjaar 1435 verborgen[vroeger rode ]Hoofdletters in de tekst]

We wandelen verder,zowel links als rechts zien we de gebouwen van de Arrondissements Rechtbank Haarlem.


Ook aan de Jansstraat is gevestigd  de St. Janskapel, vroeger behorend tot het St. Jansconvent, nu in gebruik  als "'Streekarchief Kennemerland".

De St. Jansheren of Joanniters "verkochten" van de vroege middeleeuwen (1300) tot aan de beeldenstorm (1568) kamers aan hulpbehoevende edellieden. Deze werden dan tot hun dood in het Sint Jans Gasthuis verzorgd. Na de Reformatie werd deze taak overgenomen door het Grote Gasthuis (voor de Reformatie het St. Elisabeth's Gasthuis), het Oude Mannenhuis en, zij het op minder commerciële basis, door de opvolgers van de St. Jansheren. Uit deze nieuwe opzet van de St. Jansheren zijn de Joannes de Deo Ziekenhuizen ontstaan.  


Wij volgen de Jansstraat overgaand in de Jansweg.

en zien aan de rechterzijde"het Hofje van Staats"

  Het Hofje van Staats werd in 1750 gesticht en gebouwd door Hendrik de Werff. Het was de garenreder en handelaar IJsbrand Staats die in 1725 bepaalde in zijn testament dat zijn gehele nalatenschap bestemd was voor arme en behoeftige personen. In het hofje woonden 29 oude vrijsters of weduwen die de Gereformeerde godsdienst waren toegedaan. Boven de twee toegangsdeuren zijn in reliëfs de "weldadigheidszin" te zien, met in een het medaillon van de stichter.  



Wij zijn weer aangekomen bij het beginpunt van de wandeling, het station van de Nederlandse Spoorwegen.

 

Ik hoop dat u plezier heeft beleefd aan de wandeling Overweeg eens een berichtje in het   Gastenboek

©opyright 2007 Ad van der Velde

  Suggesties: E mail